Als de diagnose van TCC ter hoogte van de bovenste urinewegen (thv de ureter of de nierkelk) gemaakt is, zal eerst een ureteroscopie verricht worden voor biopsiename en lasering van het letsel.
Indien het gezwel te groot is of niet volledig kan weggenomen worden (via lasering) dient een nefro-ureterectomie verricht te worden.
Een nefro-ureterectomie is het volledig wegnemen van de nier en ureter tot aan de blaas.
Deze ingreep gebeurt dikwijls robot-geassisteert, tenzij bij grote, hooggradige tumoren. In dat geval wordt de nier en ureter verwijderd via een open procedure.
In ZOL zijn twee robots beschikbaar, beide van het type Da Vinci Xi (Intuitive). Een robot-geassisteerde procedure biedt verschillende voordelen ten opzichte van traditionele open chirurgie, waaronder kleinere incisies, minder bloedverlies en een sneller herstel. Vergeleken met de open ingreep is er ook een kortere ziekenhuisopname.
Bij de robot-geassisteerde nefro-ureterectomie wordt de ureter en nier volledig verwijderd door middel van 4-5 kleine abdominale incisies. Een incisie van 5 -7 cm. wordt op het einde van de ingreep gemaakt om de nier en ureter te verwijderen uit de buikholte. De ureter wordt met een cuff uit de blaas verwijderd, en de blaas wordt in het lichaam terug gehecht.
Omdat de blaas geopend is geweest, wordt er een blaassonde geplaatst na de ingreep die een 5-tal dagen ter plaatse blijft omdat de blaas moet helen.
De gemiddelde hospitalisatieduur bedraagt 5-6 nachten. Eventueel kan de patiënt vroeger naar huis met de sonde.
De eerste dag na de ingreep zal een bloedafname verricht worden met verwijderen van het infuus bij gunstig resultaat. Dan zal de patiënt ook al licht verteerbare voeding krijgen. De drain zal eveneens verwijderd op dag 2 na de ingreep na controle van het debiet.
Dikwijls wordt ook een instillatie gegeven 24-48 uur na de ingreep, waarbij een lokaal werkend chemotherapeuticum in de blaas wordt gebracht en na een uur terug uitgespoeld.