Primaire leverkanker zijn tumoren die ontstaan vanuit de cellen van de lever zelf. Dit in tegenstelling tot secundaire leverkanker, waaronder we uitzaaiingen van andere tumoren in de lever verstaan.
We maken een onderscheid tussen het hepatocellulair carcinoom (HCC, ontstaat vanuit de levercellen zelf) en galwegkanker (ontstaat vanuit de galwegen).
De meest voorkomende risicofactoren voor een HCC zijn chronische leverziekten zoals cirrose, leververvetting en infectie met hepatitis B en C. In sommige gevallen kan er ook sprake zijn van een ontaarding van leveradenoom zonder dat er sprake is van onderliggend leverlijden.
Bij patiënten met levercirrose en behandelde hepatitis C wordt er aangeraden om halfjaarlijks een echografie te laten uitvoeren ter screening naar HCC.
Mogelijke symptomen die kunnen wijzen op een HCC zijn buikpijn, geelzucht, verminderde eetlust of onverklaarde vermagering, vermoeidheid,..
De diagnose wordt meestal gesteld dmv echografie, CT-scan of MRI. Om weefseldiagnose te verkrijgen wordt er soms een percutane leverbiopsie uitgevoerd.
De behandelingsopties zijn afhankelijk van het stadium van de ziekte, de algemene toestand van de patiënt en de onderliggende leverfunctie. Het kan gaan om heelkundige resectie, ablatie, embolisatie, transplantatie, chemotherapie, immuuntherapie.